Wij hebben kennis van ateliergroep hard nodig

Projectbureau Crailo 15-07-2019 477 keer bekeken

Bij de start van het ontwerpproces voor buurtschap Crailo reageerden tientallen mensen uit de omgeving van het gebied op een oproep om deel te nemen aan een ateliergroep. Vijftien van hen zijn geselecteerd en kwamen al vier zaterdagochtenden bij elkaar. Tijd voor een tussenstand.

De ateliergroep geeft ideeën, reageert op schetsen, en praat mee over alle vormen van duurzaamheid. De komende maanden komt de ateliergroep nog een aantal keer bij elkaar.

“Niemand kent het gebied zo goed als de mensen die er al jaren wonen en de mensen die er wandelen en fietsen” zegt Esther Vlaswinkel. Zij is als stedenbouwkundig ontwerper met haar collega’s verantwoordelijk voor het ontwerp van het buurtschap.

“We hebben de kennis van veel verschillende mensen nodig om goede plannen te maken. Daarom betrekken we de ateliergroep bij alle stappen die we zetten. We leggen niet alleen kant en klare plannen voor maar juist ook onze dilemma’s.”

Zo sprak de ateliergroep over nieuwe vormen van mobiliteit en parkeren om zo meer groen in het gebied te houden. “Toen we met elkaar spraken over mobiliteit bleek dat de ateliergroep dezelfde argumenten en ideeën had als de deskundigen. We kijken dan met elkaar wat dat zou betekenen voor de inrichting van de openbare ruimte in het gebied, bijvoorbeeld minder bestrating en meer groen. Maar ook hoe je voor verschillende doelgroepen verschillende oplossingen kunt bedenken”, zegt Esther Vlaswinkel. Zij is blij met de inbreng van de ateliergroep. “Het is een betrokken groep mensen die goede ideeën heeft en echt geïnteresseerd is in het ontwerpproces. Ze steken hier veel tijd en energie in. Dat is waardevol voor ons.”

Balans en sociale samenhang zijn belangrijke thema’s

In de bijeenkomsten spreken de leden van de ateliergroep met elkaar en met de ontwerpers over de manier waarop de ambities voor Crailo concreet vorm kunnen krijgen. Zo gaf de ateliergroep mee dat het buitenleven een meerwaarde heeft maar dat we moeten voorkomen dat Crailo een kijk-wijk wordt. Er moet balans zijn tussen rust en activiteiten waarbij de sociale samenhang in de buurtschap belangrijk is. Die samenhang ontstaat niet vanzelf. De ruimte moet daartoe uitnodigen maar ook de invulling van gebouwen en verblijfsplekken in de buurtschap moeten sociale contacten stimuleren.

Er komt ruimte komt voor grotere bedrijven in Crailo. De ateliergroep streeft naar samenhang tussen wonen en werken. Bedrijven die de duurzaamheidsambities waarmaken, kunnen worden beloond. En dubbelgebruik van het gebied, bijvoorbeeld door bewoners ’s avonds bij bedrijven te laten parkeren, kan helpen om ruimte  goed te benutten.

De betaalbaarheid van woningen vinden veel leden van de ateliergroep belangrijk, evenals het bouwen voor verschillende doelgroepen. Senioren is een vaak vergeten doelgroep waar maar weinig specifieke projecten voor ontwikkeld worden. Het idee om buitenruimte te delen met elkaar spreekt veel leden aan.

Met referentiebeelden van andere gebouwen en gebieden in Nederland en de rest van de wereld heeft de ateliergroep al richting gegeven aan de vormgeving van de toekomstige bedrijven in het gebied. De plaatjes laten zien dat bouwen in een landschap hoge eisen stelt aan de uitstraling van bedrijfsgebouwen. De komende maanden zal de ateliergroep ook nadenken over de uitstraling en architectuur van de woningen. Dit dient als input voor het op te stellen beeldkwaliteitplan. Hierin worden de spelregels vastgelegd over de uitstraling in het gebied, om te zorgen dat er binnen het buurtschap ook op dat gebied samenhang ontstaat.

‘Vinger aan de pols’

Kim Saltzmann woont op het kazerneterrein en heeft zich opgegeven voor de ateliergroep Crailo.  “Zo’n groot project voor de deur, daar wil ik bij zijn. Ik zit in de ateliergroep omdat ik graag een vinger aan de pols houd.”

Ze komt met plezier naar de bijeenkomsten van de ateliergroep. “Het is inspirerend om te zien hoe de ontwerpers steeds op hun vrije zaterdagochtend enthousiast de plannen met ons delen. Ze toetsen of hun ideeën overeen komen met onze mening. Vaak blijkt dat wel het geval te zijn. Er zit een goede energie in de groep.”

Kim Saltzmann weet nog niet of de inbreng van de ateliergroep uiteindelijk ook herkenbaar zal zijn in het ontwerp voor het gebied. “Tot nu toe staan de neuzen wel ongeveer dezelfde kant op. Ik ben benieuwd of er zo meteen ook echt ruimte is voor initiatieven van mensen die nu al in het gebied wonen. Daar streef ik wel naar. Het gemeenschapsgevoel tussen de huidige bewoners is er al. Het zou mooi zijn als we dat kunnen behouden en uitbouwen.”

Dromen over kansen en mogelijkheden

Ondernemer Lennart Peeperkorn ziet kansen in Crailo. “Ik ken het gebied omdat ik uit Bussum kom. Ik fiets er vaak doorheen en heb in het verleden ook in het AZC vrijwilligerswerk gedaan. Er staan prachtige gebouwen. Ik zou willen dat die goed worden benut en dat ondernemers de gelegenheid krijgen daar mooie dingen te doen.”

Dat was dat ook de reden dat hij zich heeft aangemeld voor de ateliergroep. “Gelukkig is die participatie hier geen ‘moetje’, die uitsluitend bedoeld is zodat de ontwerpers kunnen laten zien dat ze de omgeving hebben betrokken. Ik herken wel een deel van onze inbreng nu de plannen concreter worden en verder zijn uitgewerkt. Bijvoorbeeld de manier waarop de gebieden worden ingedeeld. Daar zie ik onze feedback wel in terug.”

Volgens Peeperkorn geven de bijeenkomsten van de ateliergroep hem ook inzicht in het ingewikkelde ontwerpproces. “Ik realiseer me nu wel hoe ongelooflijk ingewikkeld het is om met alle aspecten en belangen rekening te houden en die af te wegen. Als ondernemer wil ik graag een beetje doorpakken maar het is belangrijk dat dit zorgvuldig gebeurt.”

De komende periode wil hij in de ateliergroep graag nog verder doorpraten over het ondernemerschap in het gebied. “Als ik dat gebied zie, ga ik een beetje dromen. Wat kun je daar gave dingen doen. Ik wil graag dat daar ruimte voor komt.”

‘Ateliergroep houdt ons scherp’

Laura Spenkelink is als landschapsarchitect betrokken bij het team dat zorg draagt voor het ontwerp van Crailo. “Voor mij is het natuurlijk belangrijk dat we zorgvuldig omgaan met het bijzondere landschap in het gebied. Dat is soms best spannend omdat er veel functies bij komen.

Ik vind het inspirerend om te zien hoeveel kennis de ateliergroep heeft over het gebied en hoe betrokken ze zijn. Iedereen snapt dat door de bouw van woningen dingen ingrijpend gaan veranderen. Maar niemand zet z’n hakken in het zand. Er is waardering voor de manier waarop we het omliggende landschap ook het gebied in willen trekken.”

“De mensen in de ateliergroep houden ons steeds scherp. Als we meer de hoogte in gaan met gebouwen, kunnen we groen in het gebied sparen en is er meer ruimte voor het landschap. Dat is prima voor mensen die in Crailo komen wonen. Maar de belangen van de omgeving tellen ook mee. Zij willen niet tegen hoogbouw aankijken en het is belangrijk om de nieuwbouw niet te kunnen zien vanaf de Bussumerheide om zo het ‘illusielandschap’ in stand te houden. Het is mooi om die afweging te bespreken met mensen in het gebied en met mensen van daarbuiten.”

‘Afwachten wat de politiek doet’

Van Joop van Dort mag de bouw op Crailo wel de hoogte in. Hij neemt deel aan de ateliergroep uit interesse voor het gebied en voor de politiek. “We hebben behoefte aan ruimte voor bedrijven en voor woningen. Laten we de ruimte in Crailo dan ook goed benutten. Ik heb geen bezwaar tegen mooie hogere woongebouwen in Crailo. Maar er zijn ook mensen in de ateliergroep die daar anders over denken. Dus dat zijn boeiende discussies.”

Joop van Dort heeft ervaring met participatie. “Inspraak ik zo’n kleine groep is verstandig. Het is belangrijk dat het belang van de omgeving goed wordt behartigd. Dat is de enige manier om een goed plan aan te leveren aan de politiek. Daarom zijn de Open Crailodagen ook goed. Dan kunnen mensen vertellen hoe ze erover denken.”

Maar van Dort heeft wel twijfels over de wijze waarop de politiek over enige tijd de plannen zal beoordelen. “Het is belangrijk dat er een goed plan ligt als uitgangspunt. Maar de politiek zal daar vast wel dingen in willen wijzigen. Zo werkt dat in de politiek. Als de ene partij voor is, zal juist de andere ertegen zijn. Eerst gaan de gemeenteraden erover en die kunnen dan ook nog onderling van mening verschillen. Dus we moeten afwachten wat er uiteindelijk van overblijft. Maar ik blijf me in de ateliergroep inzetten voor voldoende woningen en voldoende ruimte voor bedrijven. Bovendien zijn de bijeenkomsten best gezellig.”

***